Werkbank op de juiste hoogte: zo bepaal je die

Rugklachten na een middag schaven, schouders die vastzitten na een uur solderen: vaak ligt het niet aan het werk, maar aan de hoogte van de werkbank. Veel banken staan op een standaardhoogte die voor niemand precies klopt. De juiste hoogte is persoonlijk en hangt af van je lichaamslengte en het soort werk dat je doet. Gelukkig is hij eenvoudig te bepalen.
De polshoogte-regel als startpunt
Ga rechtop staan met je armen ontspannen langs je lichaam en laat iemand de afstand meten van de vloer tot de vouw in je pols. Die polshoogte is het klassieke uitgangspunt voor een werkbank voor algemeen gebruik. Bij de meeste volwassenen komt dat ergens tussen de 85 en 95 cm uit. Op deze hoogte kun je met licht gebogen armen werken zonder je schouders op te trekken en zonder krom te staan. Heb je geen meethulp, ga dan bij een bestaande tafel of bank staan en let op je houding: moet je je schouders optillen, dan is hij te hoog; sta je gebogen, dan is hij te laag.
Pas de hoogte aan op het soort werk
De polshoogte is een gemiddelde; het werk bepaalt de correctie:
- Zwaar werk zoals schaven, zagen en monteren: 5 tot 10 cm lager dan polshoogte. Je wilt je lichaamsgewicht boven het werkstuk kunnen zetten en kracht uit je romp halen.
- Algemeen klus- en montagewerk: rond polshoogte. De allrounderstand voor wie één bank voor alles heeft.
- Fijn werk zoals solderen, tekenen en stellen: 10 tot 15 cm hoger dan polshoogte, zodat je werk dichter bij je ogen komt en je nek recht blijft. Een verhoogd opzetblok op een normale bank doet hier wonderen.
Doe je alles op één bank, kies dan de hoogte voor het werk dat je het meest doet, en los de rest op met hulpmiddelen: een opzetblok voor fijn werk, een lage schraag of tafel voor het zware werk.
Zitten of staan: twee verschillende banken
Een werkplek om aan te zitten vraagt een andere benadering. Bij zittend werk aan een gewone bureaustoel hoort een werkhoogte rond ellebooghoogte, zodat je onderarmen plat op het blad rusten. Belangrijker nog is beenruimte: onder een zitwerkplek mag geen ladeblok of dwarsbalk zitten waar je knieën tegenaan stoten. Wie afwisselt tussen zitten en staan kan naar een hoge kruk kijken bij een staande bank, of naar een in hoogte verstelbaar onderstel. Verstelbare werkbankpoten en schroefvoeten bestaan in veel uitvoeringen en maken van één bank een flexibele werkplek.
Zo stel je een bestaande bank bij
Staat je huidige bank te laag, dan zijn er simpele oplossingen: stelvoeten eronder, een extra frame of klossen onder de poten, of een dikker werkblad erop. Zet verhogingen wel degelijk vast, want een wiebelende bank is vervelender dan een te lage. Staat de bank te hoog, dan is poten inkorten meestal zo gebeurd; meet twee keer en zaag alle vier de poten in één sessie met dezelfde maatvoering. Controleer na elke aanpassing met een waterpas of het blad vlak ligt, en of de bank nog stevig staat als je er stevig tegen duwt.
De omgeving telt mee
Een goede hoogte werkt pas prettig als de rest van de werkplek meewerkt. Zorg voor vrije vloerruimte rond de bank zodat je om je werkstuk heen kunt, en houd het blad leeg door gereedschap aan de wand erboven te hangen in plaats van op de bank te leggen. Alles wat op het blad ligt, gaat ten koste van je werkruimte en dwingt je tot reiken en schuiven. Met het handgereedschap op grijphoogte aan de wand en een bank op jouw maat merk je het verschil al na de eerste middag: minder vermoeide schouders, meer gedaan.