← Terug naar blog Klustips · 3 min leestijd

Boor loopt vast in beton: wapening of verkeerde boor

Headerkaart met de titel: Boor loopt vast in beton: wapening of verkeerde boor

De machine draait, het klopmechanisme rammelt, en het gat wordt gewoon niet dieper. Je duwt harder, je zet er een schouder tegenaan en het enige wat verandert is de temperatuur van de boor. Ergens tussen de vier en zes centimeter diep loopt zoiets meestal vast, en dat is geen toeval. Er zijn drie oorzaken en ze zijn alle drie te herkennen voordat je nog een kwartier verspilt.

Luister en kijk naar het gruis

Het gruis vertelt je het meeste. Fijn grijs poeder betekent dat je gewoon in beton zit en dat er niets aan de hand is behalve traag opschieten. Zie je glimmende, krullerige spaantjes en soms een roestbruine kleur, dan zit je op wapening. Het geluid gaat daarbij van dof beuken naar een hogere, zingende toon en je voelt de machine anders trillen. Springt de boor juist weg en hoor je een harde tik zonder dat er veel gruis komt, dan zit je waarschijnlijk op een grindkorrel, want beton is nu eenmaal steen in cement. Komt er helemaal geen gruis meer en wordt de boor snel heet, dan ligt het niet aan de muur maar aan je boor.

Bot, verkeerd of verkeerd ingesteld

Controleer eerst de eenvoudige dingen voordat je conclusies trekt. Staat de machine echt in de klopstand en niet in schroefstand met een ingestelde koppeling. Zit er een steenboor in en geen metaal- of universeelboor. Kijk daarna naar de hardmetalen punt. Is die afgerond in plaats van scherp, of zit er een blauwe verkleuring op, dan is de boor uitgegloeid en gaat hij niet meer snijden. Een botte boor herken je ook aan de warmte: een scherpe boor blijft handwarm omdat de energie in het verpulveren gaat, een botte boor wordt binnen een halve minuut te heet om vast te houden. Trek de boor er tijdens het werk elke paar centimeter uit, want gruis dat blijft zitten wrijft en remt.

Wapening: doorboren of niet

Zit je op staal, dan is de vervolgvraag wat voor staal. Dun binddraad en licht wapeningsnet vlak onder het oppervlak kun je met een goede metaalboor doorboren zonder klop, en dat is meestal geen probleem. Zwaardere staven in balken, kolommen en vloeren laat je met rust. Die zitten daar niet toevallig, en doorboren kan de draagkracht van dat onderdeel aantasten. In voorgespannen vloeren, herkenbaar aan de langwerpige kanalen in kanaalplaten, boor je helemaal niet in de onderkant zonder overleg. Bij twijfel geldt een simpele regel: staal dat je met een metaalboor in een paar seconden doorkomt is licht, staal waar je minuten op staat te ploegen is dragend en dan verleg je het gat.

Het gat verleggen zonder opnieuw af te tekenen

Verplaatsen hoeft je uitlijning niet te kosten. Schuif twee tot drie centimeter opzij langs de lijn die je al hebt getekend, dus in de richting waarin je speling hebt, en niet omhoog of omlaag als je met een rij werkt. Wapeningsstaven lopen recht, dus een paar centimeter horizontaal verschuiven brengt je meestal naast de staaf. Zit je op een grindkorrel, dan volstaat vaak al een centimeter. Boor het nieuwe gat niet half over het oude heen, want dan loopt je boor er weer in weg. Vul het mislukte gat met wat reparatiemortel of duw er een stukje plug in dat je gelijk afsnijdt, zodat je later niet gaat twijfelen welk gat het goede was. Gebruik voor het nieuwe punt de houder zelf als mal en teken door het tweede schroefgat af.

Houd bij dit soort werk een tweede boor van dezelfde maat in de bus. Een verse boor kost minder dan het halfuur dat je met een botte staat te duwen, en je merkt het verschil binnen tien seconden.

Klaar om te beginnen? Houders voor Makita, DeWalt, Bosch, Festool en Milwaukee, vanaf €8,99.
Shop houders →