← Terug naar blog Businrichting · 3 min leestijd

Multiplex wand in je bus plaatsen: waar je op let

Headerkaart met de titel: Multiplex wand in je bus plaatsen: waar je op let

Wie zijn bedrijfsbus serieus wil inrichten, begint met een multiplex wand. Zo'n plaat beschermt het plaatwerk, dempt geluid en geeft je een ondergrond waar je overal houders, schappen en rails in kunt schroeven. Het plaatsen is goed zelf te doen, als je op drie dingen let: de dikte van de plaat, de manier van bevestigen en de uitsparingen.

Welke dikte multiplex kies je

Voor wanden is 9 tot 12 millimeter berkenmultiplex of populierenmultiplex de gangbare keuze. Dunner dan 9 millimeter houdt schroeven van houders niet goed vast, dikker dan 15 millimeter voegt vooral gewicht toe. Wil je zware machines aan de wand hangen, kies dan 12 of 15 millimeter, of verstevig plaatselijk met een extra klos achter de plaat. Voor de vloer geldt een ander verhaal: daar wil je 12 tot 18 millimeter met een antisliplaag. Let bij de aanschaf op verlijming die tegen vocht kan, in een bus wisselen temperatuur en luchtvochtigheid flink. Onbehandeld multiplex kun je het best aan beide zijden aflakken of in de olie zetten, dat voorkomt kromtrekken.

Bevestigen: aan de balken, niet aan het plaatwerk

De carrosserie van een bus bestaat uit dun staal met daarachter verticale en horizontale verstevigingsbalken. Aan die balken bevestig je de wand, nooit aan het dunne plaatwerk zelf. Veel bussen hebben in de balken al gaten of ingelaste moeren zitten, gebruik die waar mogelijk. Zit er niets bruikbaars, dan zijn blindklinkmoeren in de balken de nette oplossing: je boort een gat, zet de moer, en kunt de plaat er met bouten in schroeven en later ook weer losnemen. Een paar aandachtspunten:

  • Boor nooit zomaar in de carrosserie zonder te controleren wat er achter zit: kabels, leidingen en de buitenhuid zitten dichterbij dan je denkt.
  • Behandel elk boorgat in het staal met een roestwerend middel voordat je verder gaat.
  • Gebruik voldoende bevestigingspunten, minimaal om de 40 tot 50 centimeter, zodat de plaat nergens kan rammelen.
  • Verzonken koppen of dopmoeren voorkomen dat er iets achter uitstekende bouten blijft haken.

Uitsparingen: eerst een mal, dan pas zagen

Wielkasten, gordelbevestigingen, verlichting en sjorogen vragen om uitsparingen. De snelste manier om die passend te krijgen: maak eerst een mal van karton of hardboard. Pas de mal in de bus, corrigeer tot hij overal aansluit, en neem hem dan pas over op de multiplex plaat. Zaag uitsparingen met een decoupeerzaag en houd rond wielkasten een kleine speling aan van een paar millimeter, dan gaat het plaatsen zonder wrikken. Rond alle zaagranden even af met schuurpapier. Bedenk vooraf ook waar je later stroom of verlichting wilt: een extra uitsparing of doorvoer maken gaat nu makkelijk, straks met een volle wand niet meer.

Denk vooruit: de wand is de basis voor je inrichting

De multiplex wand is geen einddoel maar een fundament. Alles wat je later monteert, van schappen tot houders voor je machines, schroef je in deze plaat. Teken daarom voor het monteren op de plaat af waar de balken van de bus lopen, bijvoorbeeld met een potloodlijn langs de rand. Zware zaken hang je later bij voorkeur op die lijnen, dan draagt de balk mee en niet alleen de plaat. Werk je met twee platen boven elkaar, laat de naad dan op een balk vallen.

Een middag werk, jaren plezier

Reken voor het opmeten, zagen en monteren van beide zijwanden op een dag, met een helper voor het vasthouden van de platen. Het resultaat is een bus die stiller rijdt, geen deuken van binnenuit meer oploopt en klaar is voor een indeling die met je meegroeit. Neem de tijd voor de mallen en de bevestiging, dat betaalt zich elke rit terug.

Klaar om te beginnen? Houders voor Makita, DeWalt, Bosch, Festool en Milwaukee, vanaf €8,99.
Shop houders →