SDS plus of een gewone boorkop: wat het verschil betekent

Je leent een boorhamer voor een middag, pakt je vertrouwde steenboor van acht en komt er niet in. Er zit geen kop op waar je iets in kunt klemmen, alleen een huls die je naar achteren schuift en een gat met een paar gleuven erin. Dat gat is geen kwestie van een andere maat, het is een ander systeem. Wie het verschil tussen een boorkop en een SDS opname ziet, snapt meteen waarom je twee sets boren in huis hebt.
Wat een boorkop doet en waar hij ophoudt
Een boorkop klemt de boor tussen drie bekken. Alles met een ronde schacht past erin: houtboren, metaalboren, steenboren, bits en gatzagen. Die veelzijdigheid is de kracht en tegelijk de grens, want de boor wordt alleen door wrijving vastgehouden en diezelfde wrijving moet het draaimoment overbrengen. Zet je zo'n klemming in een machine die ook hard in de lengterichting slaat, dan beukt de boor bij elke klap tegen de bekken aan. De klemming loopt los, de schacht slaat in en de kop krijgt klappen die hij niet aankan. Daarom blijven de tikken van een klopboormachine licht: die komen van twee ratelende schijven.
Bij SDS plus zit de boor los, en dat is de bedoeling
In een SDS plus schacht zitten twee soorten gleuven. De open banen aan de zijkant lopen tot het einde door en brengen het draaimoment over, want daar grijpen de meenemers in. De twee gesloten groeven ernaast zijn korter en aan beide kanten dicht. Daarin vallen de vergrendelkogels. Doordat die groeven langer zijn dan de kogels dik, kan de boor een paar millimeter heen en weer bewegen. Precies die speling maakt het slagmechanisme mogelijk: de slagbout kan de achterkant van de boor raken en de boor kan terugveren zonder dat de klap in de machine of in jouw polsen eindigt.
Insteken gaat zonder gereedschap: de boor iets draaiend in het gat duwen tot hij klikt, en er daarna aan trekken om te controleren. Voelt hij los, dan is dat normaal. Hij hoort in de lengterichting te bewegen, hij mag er alleen niet uit komen.
Plus, max en waarom ze niet uitwisselbaar zijn
SDS plus is het formaat van handzame boorhamers, met een schachtdikte van tien millimeter. SDS max is het zwaardere broertje voor sloophamers en grote boorhamers en heeft een dikkere schacht met meer groeven. Ze passen niet in elkaar, en dat is maar goed ook, want een SDS plus boor is niet gebouwd voor de energie van een grote machine. Kijk bij kopen of huren dus ook naar de opname, want die bepaalt welke boren je erbij nodig hebt. Voor gewoon werk is SDS plus in vrijwel alle gevallen de juiste keuze.
Wat dit voor je boren betekent
Kort samengevat kun je dit onthouden:
- Een SDS boor past niet in een boorkop: de gleuven geven de bekken niets om op te klemmen.
- Een gewone steenboor met ronde schacht past niet in een SDS machine, ook niet met geweld. Er is geen groef waar de kogels in kunnen vallen.
- Beitels voor hak- en breekwerk hebben dezelfde SDS schacht en worden op dezelfde manier ingeklikt, alleen zet je de machine dan in de stand zonder draaiing.
- Voor grotere gaten bestaan SDS opzetstukken zoals gatenboren voor inbouwdozen. Die schroef je op een SDS adapter en gebruik je zonder slag.
Er is een tussenweg: een boorkop met SDS plus schacht, die je in de boorhamer klikt om er gewone boren in te zetten. Handig als je maar een machine mee wilt nemen, met twee kanttekeningen. Zet het slagmechanisme uit, want de kop is daar niet op gebouwd. En de boor steekt door de adapter verder voor de machine uit, waardoor hij eerder slingert. Voor een paar gaten prima, voor precisiewerk niet.
Praktisch punt tot slot: veeg de schacht van je SDS boren af en zet er af en toe een dun laagje vet op het deel met de groeven. Een droge, vieze schacht slijt de kogelvergrendeling van je machine uit, en dat is een reparatie die je op geen enkele boor terugverdient. Hang de machine om dezelfde reden met de opname naar beneden aan een houder, in plaats van hem los in een kist tussen het gruis te leggen.