← Terug naar blog Klustips · 3 min leestijd

Tegels boren zonder scheuren

Headerkaart met de titel: Tegels boren zonder scheuren

Een gat boren in een tegel is een klus waar veel mensen tegenop zien, en terecht: één verkeerde beweging en er zit een barst in een wand die verder perfect was. Toch is tegels boren goed te doen als je drie dingen regelt: de juiste boor, een lage snelheid en geduld. De schade ontstaat vrijwel altijd doordat een van die drie ontbreekt.

Kies de juiste boor voor het type tegel

Niet elke tegel is gelijk. Een oude wandtegel uit de jaren tachtig is zacht en boort makkelijk, moderne keramische tegels en zeker porcellanato zijn keihard. Daar past dit bij:

  • Tegelboor (speerpuntboor): voor gewone wandtegels en zachtere vloertegels. Herkenbaar aan de platte, speervormige punt.
  • Diamantboor: voor hard keramiek, porcellanato en natuursteen. Duurder, maar het enige dat hier echt werkt.
  • Gewone steenboor: alleen als noodoplossing voor zachte tegels, en dan nog liever niet. De kans op uitschieten en afschilferen is groter.

Twijfel je over de hardheid, probeer dan op een reststuk of op een onopvallende plek of de tegelboor grip krijgt. Glijdt de punt weg zonder materiaal af te nemen, dan heb je een diamantboor nodig.

Voorbereiding: aftekenen en tape

Teken de boorpositie exact af. Boor je voor een accessoire met twee gaten, meet dan beide posities en controleer met een waterpasje, want verplaatsen kan straks niet meer. Plak vervolgens een stuk schilderstape of duct tape over de boorplek en teken de markering opnieuw op de tape. De tape doet twee dingen: hij voorkomt dat de boorpunt wegglijdt over het gladde oppervlak en hij vermindert afschilferen rond het gat.

Boor waar mogelijk in het midden van een tegel of ruim uit de rand. Vlak langs de rand of in een hoek is een tegel het zwakst en scheurt hij het snelst. Boren in de voeg lijkt aantrekkelijk, maar een plug in een voeg houdt slecht en de voeg brokkelt uit; alleen bij hele smalle bevestigingen is het soms de betere keuze.

Boren: langzaam, zonder klopstand, zonder druk

Nu het werk zelf, en hier gaat het meestal mis. Houd deze volgorde aan:

  1. Zet de klopstand van je boormachine uit. Kloppen op een tegel betekent barsten, zonder uitzondering.
  2. Start op een heel laag toerental, bijna stapvoets, met de boor haaks op de tegel. Laat de punt zich eerst een klein kuiltje in het glazuur werken.
  3. Voer het toerental iets op zodra de boor grip heeft, maar blijf rustig draaien. Hoge snelheid maakt vooral hitte, en hitte doet glazuur springen.
  4. Duw licht. De boor moet snijden, niet geperst worden. Voel je dat het niet vordert, dan is de boor bot of te licht voor de tegel.

Koel bij harde tegels en diamantboren tussendoor met water: een plantenspuit of een natte spons tegen de boorplek is genoeg. Zodra je door de tegel heen bent en de muur erachter raakt, stop je even. Voor het metselwerk of beton daarachter mag de klopstand weer aan, maar trek de boor eerst iets terug zodat de klop niet op de tegelrand begint.

Afwerken en ophangen

Boor het gat in de muur diep genoeg voor de plug, blaas of zuig het boorstof eruit en tik de plug voorzichtig door de tegel heen tot hij volledig in de muur zit. Een plug die half in de tegel blijft steken, drukt bij het aandraaien de tegel kapot. Gebruik bij zwaardere voorwerpen zoals een wandkast of een houderrail een plug die past bij de ondergrond achter de tegel, niet bij de tegel zelf: de muur draagt het gewicht, de tegel is alleen de doorvoer.

Draai de schroef als laatste met beleid vast. Te hard aandraaien trekt spanning op de tegel en dan barst hij alsnog, dagen later soms. Handvast plus een kwartslag is bijna altijd genoeg. Wie zo werkt, boort strakke gaten waar zelfs de tegelzetter niets van zou zeggen.

Klaar om te beginnen? Houders voor Makita, DeWalt, Bosch, Festool en Milwaukee, vanaf €8,99.
Shop houders →